Vladi Boroday: Verborgen factoren

Voor mijn buitenlandse stage tijdens de opleiding Food Innovation aan de HAS Hogeschool ging ik aan de slag bij PA Consulting in Cambridge. Hier kon ik mij onderscheiden met mijn minor in Sustainable Product Design, die qua timing perfect samenviel met de aankondiging van de SUP directive in mei 2018. Al snel kwamen er naar aanleiding van deze aankondiging veel vragen van klanten: Wat is de beste verpakking voor mijn product? En hoeveel CO2-uitstoot wordt er bespaard wanneer er van een verpakking met EVOH-laag naar een mono PP-verpakking wordt overgestapt?

Met mijn leidinggevende werd ik het eens over de beste oplossing voor dit vraagstuk: een LCA (Life Cycle Assessment). Met wat generieke data uit de Idemat-app van de TU Delft hebben wij de productie van het kunststofgranulaat en de conversie daarvan naar folie erin verwerkt. De klant was tevreden (PP was stukken beter) en wij hadden een snelle en makkelijke oplossing gevonden voor soortgelijke vragen.

Niets bleek minder waar toen ik eenmaal bij The LCA Centre begon als verpakkingstechnoloog. Er zijn zo ongelooflijk veel verborgen factoren die meespelen bij een vergelijking tussen verschillende producten of verpakkingen. Vaak wordt bijvoorbeeld het afvalpercentage vergeten. Bij een PET-fles heeft een rond label veel meer snijafval dan een vierkant label. En het bestaan van het label backing-materiaal wordt vaak vergeten. En wat als de PET-fles direct geprint wordt in plaats van gelabeld? Dan heb je te maken met significant hogere uitvalpercentages en ook indirect hogere emissies. Dingen die je zonder ervaring of aanvullende data nooit kan weten.

Idem voor fillers of kleurstoffen in kunststof. Zonder specificatiesheet en laboratoriumapparatuur is het lastig te achterhalen dat soms tot wel 40% van het materiaal geen kunststof is. Dat kan er voor zorgen dat de milieu impact van de desbetreffende verpakking lager of hoger uitkomt dan wanneer dit niet is meegenomen. Daarnaast kan de aanwezigheid van kleurstoffen of fillers een effect hebben op de recyclebaarheid van een product. Waardoor het in werkelijkheid bijvoorbeeld niet gerecycled wordt, maar verbrand, wat voor hogere emissies zal zorgen. Dit soort factoren kunnen je uitkomst drastisch veranderen.

Uiteindelijk zal de basale vergelijking tussen een film met een EVOH-laag en een mono PP een goede basis hebben gehad, maar voor specifieke vraagstukken en claims over de duurzaamheid van verpakkingen heb je ook specifieke kennis en tools nodig om een onderbouwd en robuust antwoord te kunnen geven. Er spelen namelijk veel variabelen mee.

Vladi Boroday